Hijgend hijs ik me het duin op. Struikel naar het vertrouwde plekje in de duinpan. Zit, ongemakkelijk, stijf, rillend in de harde wind. Mopper, zo vaak hier heerlijk rondgebanjerd maar dat lijkt wel een vorig leven. Ik blijf zitten, ineengedoken, te moe om meteen weer op te staan en terug te lopen naar het vlakke wandelpad, naar de cappuccino met cranberry gebak. Kom, diep inademen en langzaam uit. Kijk om je heen, het lege strand, het opkomende tij. Hoor de meeuwen, de golven. Luister naar de zee, vang haar fluisteringen op: stormschade, schipbreuk en slagzij kleuren ook haar bestaan maar ze gaat door, tevreden met vandaag. Een boei van troost werpt ze me toe. Gretig vang ik hem. 20-4-2026